English Nederlands

Veterinaire Verhalen over Paarden


verteld door Leo Rogier Verberne
met tekeningen van Marisca Bruinooge-Verberne


Paarden
  • Cover
  • Opdracht
  • Colofon
  • Inleiding
  • Hoefbevangen
  • Kreupelheidsonderzoek
  • Plattelandspraktijk
  • Castreren
  • Klophengst
  • Dampig
  • Infarctkoliek
  • Droes
  • Aankoopkeuring
  • Hoefkatrol
  • Natuurlijk dekken
  • Paardenverlossing
  • Veulenziekte
  • Draadwond
  • Rugpijn
  • Hormoonspuit
  • Baarmoederontsteking
  • Bolspat
  • Verkeersongeluk
  • Dichtzetten
  • Tweelingdracht
  • Hoofdwond
  • Zadelmak maken
  • Auteur
  • 1. Hoefbevangen

    Iemand die plotseling bevangen wordt door kou of schrik kan zich van het ene moment op het andere nauwelijks nog bewegen. Zo gaat het ook met een paard dat acuut hoefbevangen wordt: het gaat onverwacht stilstaan, zonder zichtbare aanleiding. Het reageert niet meer op aansporing en het kan zelfs gaan liggen. Als dat op straat en in het verkeer gebeurt, zorgt het voor grote consternatie.

    Pijn
    Het gedrag van een acuut hoefbevangen paard is te verklaren door plotseling opkomende hevige pijn in de hoeven, meestal in beide voorhoeven. Die zijn anatomisch te vergelijken met de topjes van onze middelvingers. Bij hoefbevangenheid ontstaan soortgelijke reacties als na de klap met een hamer op een vingertopje: onder de nagel ontstaat een bloeding, met druk en warmte en kloppende pijn. De druk wordt zo groot dat de nagel na enkele weken loslaat. Bij het paard komt die 'klap met de hamer' op de een of andere manier van binnenuit; aan de buitenkant is niets te zien. De bloeding die dan binnen de hoornschoen ontstaat, veroorzaakt warmte en pijnlijke druk. Zo'n zeshonderd kilo lichaamsgewicht drukt ook nog eens op de hoeven. In die situatie zal een hoefbevangen paard proberen om zijn pijnlijke voorhoeven te ontlasten door zijn lichaamsgewicht zoveel mogelijk over te brengen op de achterhoeven. Die komen dan onder de lichaamslast te staan en zijn kont steekt daarbij ver naar achteren. In het uiterste geval gaat een paard met acute hoefbevangenheid liggen.

    Oorzaak
    Ondanks veel onderzoek is het nog steeds onzeker waardoor die plotselinge reacties binnen de hoornschoen ontstaan. Darminfecties met bacteriën die gifstoffen vormen, kunnen de oorzaak zijn van acute hoefbevangenheid. Het kan ontstaan door het vreten van teveel koolhydraten; die zitten in haver en mais. Teveel fructaan is ook niet goed en dat zit in vers gras. De aandoening wordt verder beschreven als complicatie bij sommige tumoren en na behandeling met bepaalde medicijnen. Het is maar een greep uit de literatuur. Verschillende oorzaken kunnen dus hetzelfde gevolg hebben: acute hoefbevangenheid.

    Behandeling
    Het is daarom niet verwonderlijk dat ook de behandeling van hoefbevangen paarden verschillend is. In de Utrechtse kliniek was tot de jaren zeventig het aderlaten de eerste ingreep. Bij een volwassen paard werd dan een halve emmer bloed afgetapt. Dat moest snel gebeuren, dus met een dikke naald. De patiënt kreeg vervolgens pijnstillers en de hoeven werden gekoeld met water (vergelijk de vinger onder de koude kraan). De hoefijzers werden afgenomen en de patiënt kwam in een bak met nat zand te staan. De eerste dag moest hij vasten en daarna kreeg hij alleen hooi. Geen brokken of haver vanwege de koolhydraten.

    Refereeravond
    Eind 1970 was ik in de kliniek voor inwendige ziekten de jongste assistent. Professor Wagenaar was het hoofd. Die had een goed collegiaal contact met professor Hulst van de interne kliniek in het academisch ziekenhuis. Het werd voor mijn opleiding tot veterinair internist nuttig geacht dat ik daar eens een refereeravond zou bijwonen. Op het programma voor die avond stond de behandeling van shock. Alle histochemische reacties die daarbij optreden, waren juist ontrafeld. Daarop werd een nieuwe behandeling gebaseerd: voortaan moest bij patiënten die om de een of andere reden in shock raakten direct een maximale dosis corticosteroïden (bijnierschorshormonen) in de bloedbaan worden toegediend, gevolgd door een infuus.

    Dienst
    Een poosje later heb ik in de kliniek de weekenddienst als uit de nabije omgeving een paard wordt gebracht. Tijdens een tocht met het rijtuig was de ruin zomaar stil gaan staan en hij was met geen mogelijkheid nog vooruit te krijgen. Noodgedwongen is hij ter plaatse uitgespannen en is er om een vrachtauto gebeld. Die was er al snel. Een aantal omstanders heeft geholpen om hem de laadklep op te duwen. Als het paard voor de grote schuifdeur van de kliniek wordt gelost, moet hij van de vrachtauto af worden geduwd. Het is een krachttoer om hem de kliniek binnen te krijgen, want hij steekt zijn benen stijf naar voren en zijn kont ver naar achteren.

    patient

    de patiënt moet worden geduwd

    Shockhoeven
    De eigenaresse in tranen is in tranen als ze uitlegt: tot vanmiddag is alles normaal geweest. Nee, Oscar heeft geen extra krachtvoer gehad. Ook geen mals gras; hij was kerngezond. Dit is acute hoefbevangenheid, maar de oorzaak is een raadsel. Terwijl ik de ruin onderzoek, realiseer ik me plotseling dat de zogenoemde extravasatie van serum uit de bloedbaan die in de hoeven optreedt, erg lijkt op shocklong bij de mens. En daarbij moest toch de maximale dosis corticosteroïden in de bloedbaan worden toegediend? Voor het paard is dat geen prednison maar prednisolon. In de kliniekapotheek lees ik de bijsluiter. Voor toepassing bij shock staat daarin een speciale dosering vermeld, veel meer dan de gebruikelijke dosis. De voorraad flesjes is maar net voldoende voor één zo’n injectie. Om het effect daarvan te kunnen beoordelen, doe ik verder niks: dus geen aderlating, geen pijnstillers en geen koud water. Oscar wordt naar de dichtstbijzijnde stal geduwd en daar in een box gezet. De smid zal morgen de hoefijzers afnemen. Dan zijn er ook meer mensen om zijn box te vullen met nat zand; voor één stalknecht in de zondagsdienst is dat een groot karwei. VASTEN schrijf ik op het bordje bij de box. Maar Oscar taalt niet naar voer: hij ligt al languit in het stro om zijn pijnlijke hoeven te ontlasten.

    Stalronde
    Op maandagochtend start de stalronde stipt om acht uur. Voorop loopt de chef de clinique, daarachter de assistenten gevolgd door de coassistenten. Iedereen is in het wit gekleed. In de eerste stal en de eerste box staat Oscar. Hij staat! Naast de boxdeur hangt de temperatuurkaart; achterop staat de ingestelde behandeling. Als de lector die leest, gaan zijn wenkbrauwen omhoog, maar hij zegt niks. Ik zwijg ook want er wordt me niks gevraagd. De stoet trekt verder door de verschillende stallen. Na afloop word ik apart genomen. Hoe zit het met de behandeling van dat hoefbevangen paard? Met prednisolon? En dan die dosering! Ik vertel van de refereeravond in het ziekenhuis. En de speciale dosering heb ik gehaald uit de bijsluiter.

    Lunch
    Twee dagen later is de wekelijkse lunch voor de wetenschappelijke staf. De tafels in de refereerzaal staan in een hoefijzervorm. In het midden van de korte tafel zit de professor. Links naast hem het hoofd van het laboratorium. Aan zijn andere zijde de chef de clinique. Aan het eind van de rij tafels, bij de deur, is mijn plaats. Er hangt iets in de lucht. Zodra iedereen zit, blijkt wat het is: de hoogleraar geeft te kennen dat hij niet gecharmeerd is van veranderingen in de behandelingsprotocollen binnen de kliniek. En helemáál niet als die zomaar worden ingevoerd door de jongste assistent! Ik staar naar mijn bord en zwijg. Als hij is uitgesproken, zwijgt trouwens iedereen. En het wordt nog stiller als ik opsta en langs de rij tafels naar voren loop. Achter de professor is nog een tafel en daarop staat een banketbakkerskist vol met gebakjes. Ik presenteer die aan hem als eerste:
    “Van een dankbare eigenaresse”.
    Die ochtend is Oscar uit de kliniek ontslagen omdat hij helemaal hersteld was. In drie dagen! Dat is nog nooit gebeurd. De eigenaresse kon haar geluk niet op. En er blijven die middag ook gebakjes over.

    hersteld

    helemaal hersteld na één injectie

    Dracht
    Jaren later in de praktijk word ik nog eens geconfronteerd met acute hoefbevangenheid. Ik moet met spoed naar een merrie die al tien maanden drachtig is (bij het paard duurt de dracht elf maanden). Ze werd allang verwend met extra krachtvoer want ‘ze moest nu toch vreten voor twee?’ De merrie is dan ook veel te vet. Vanmorgen bokte ze nog van ongeduld bij het voeren. Maar nu, een paar uur later, staat ze stokstijf in de stal en ze zweet. De bloedvaten aan de onderbenen zijn opgezet en de hoeven zijn warm. Je kunt bij haar geen voet van de grond krijgen: daardoor zou haar volle gewicht op het andere voorbeen gaan rusten en die hoef doet ook al verschrikkelijk pijn.

    Pijnstiller
    Inspuiten van corticosteroïden bij hoogdrachtige dieren geeft een grote kans op abortus (verwerpen). Bij een hoge dosis prednisolon hoef je daarover geen illusies te hebben. En een veulen dat een maand te vroeg wordt geboren, heeft vrijwel geen overlevingskans. Daarom wordt deze merrie niet met een prednisoloninjectie in de bloedbaan behandeld, maar met een pijnstiller. Haar hoeven worden langdurig afgespoten met koud water en ze moet vasten. De volgende dag is ze niks verbeterd. Integendeel. Ze krijgt weer die pijnstiller. De voorhoeven worden verpakt in dikke verbanden om de pijn bij het staan te verlichten. Maar ze blijft desondanks veel liggen. Daarom komt er in de stal een dik ligbed van houtkrullen en heel veel stro. Na een week komt ze nauwelijks nog overeind. Toch krijgt ze geen doorligplekken, hoewel ze zowat 800 kg weegt. Dus het dikke ligbed werkt wel.

    Zoolbreuk
    Bij het vernieuwen van de verbanden is in het voorste deel van de hoefzool een bolling te zien: het hoefbeen is door de inwendige druk gaan kantelen binnen de hoornschoen. Dat bot heeft een scherpe rand. In de tweede week treedt een zoolbreuk op aan beide voorhoeven: de punt van het hoefbeen breekt door de zool naar buiten. Staan is nu onmogelijk; de pijn is ondraaglijk. Eindelijk wordt het veulen geboren; ondanks alles is het kerngezond. Enkele dagen later is voor het veulen een stiefmoeder gevonden en kan de merrie door de slager uit haar lijden worden verlost.

    Tot slot
    Het gebruik van corticosteroïden bij hoefbevangenheid is fel omstreden. Maar in de eerste uren na het ontstaan van de aandoening lijkt de eenmalige injectie van een hoge dosis kortwerkende prednisolon in de bloedbaan de beste aanpak. Zelfs in het geval van een drachtige merrie zou ik voortaan proberen om de eigenaar daarvan te overtuigen.


    lees verder

    © Leo Rogier Verberne
    ISBN/EAN: 978-90-818362-5-8
    www.verberneboek.nl